Cholesterol

Cholesterol is een vetachtige, niet in water oplosbare, stof die in ons lichaam onder andere als bouwstof wordt gebruikt. Ondanks zijn slechte naam is cholesterol voor ons lichaam absoluut noodzakelijk! Cholesterol zit in veel dierlijk en plantaardig materiaal dat we eten, maar het overgrote deel maakt ons lichaam zelf, vooral in de lever. De meeste mensen zullen wel eens van het begrip 'cholesterol' hebben gehoord. Het is een wijdverspreid fabeltje dat je vooral een verhoogd cholesterolgehalte krijgt door het eten van eieren. Een ei bevat weliswaar veel cholesterol, maar het eten van veel verzadigde vetten heeft veel meer invloed op het cholesterolgehalte van het bloed. Een paar keer per week een ei kan dus geen kwaad. Hou er echter wel rekening mee dat in veel producten eieren zijn verwerkt (bijv. cake, mayonaise), waardoor u er dus snel meer eet dan u denkt.

Wat is cholesterol?

Goed en slecht cholesterol

Symptomen en gevaren

Wanneer is uw cholesterol te hoog?

De cholesterol waarden in het bloed

Streefwaarden voor cholesterol en triglyceriden

Oorzaken



Wat is cholesterol?

Cholesterol is een onmisbare stof voor het menselijk lichaam. Het is nodig voor de opbouw van lichaamscellen, de productie van hormonen en het speelt een belangrijke rol in de spijsvertering. Ondanks zijn slechte naam is cholesterol voor ons lichaam absoluut noodzakelijk.

Zonder cholesterol kan het lichaam niet goed functioneren. Maar een teveel ervan is schadelijk. Het meeste cholesterol maakt het lichaam zelf in de lever, een klein gedeelte neemt het rechtstreeks op uit de voeding.

Normaal gesproken maakt het lichaam precies voldoende cholesterol om goed te kunnen functioneren.

Cholesterol en vetten lossen niet op in het bloed. Kleine bolletjes cholesterol worden daarom omgeven door een laagje eiwit en op die manier vervoerd door het bloed.

Ons lichaam verpakt cholesterol en een andere belangrijke vetachtige stof, triglyceriden, in speciale transportdeeltjes, lipoproteïnen. Afhankelijk van hun samenstelling, onderscheiden we verschillende soorten lipoproteïnen. De indeling van de lipoproteïnen is gemaakt op basis van het gewicht van deze deeltjes. Vetten zijn lichte stoffen, waardoor ze op water drijven. Hoe meer vet en des te minder eiwit een lipoproteïnedeeltje bevat, hoe lichter het is. De wetenschappelijke naam voor gewicht is `dichtheid', of in het Engels `density'.
Hiervan uitgaand hebben de drie meest bekende lipoproteïne-deeltjes de volgende namen: `Very-Low-Density' lipoproteïne (VLDL), `Low-Density' lipoproteïne (LDL) en `High-Density' lipoproteïne (HDL). Daarnaast zijn er nog de chylomicronen die vooral triglyceriden vanuit de voeding van de darm naar de lever vervoeren. Elk van deze lipoproteïnedeeltjes heeft een eigen karakteristieke samenstelling en rol bij het verwerken van vetten in het lichaam.
Met cholesterol of totaal-cholesterol wordt eigenlijk al het cholesterol bedoeld dat verpakt zit in de deeltjes VLDL, LDL, en HDL. Als we een speciaal soort cholesterol bedoelen, dan noemen we het bijvoorbeeld LDL-cholesterol of HDL-cholesterol. Hetzelfde gaat op voor triglyceriden: we kennen HDL-, LDL- en VLDL-triglyceriden. Van al het cholesterol in het bloed bevindt zich ongeveer 75% in het LDL, 20% in het HDL en 5% in het VLDL. In feite bepaalt het LDL-cholesterolgehalte dan ook voor het grootste gedeelte het `totale' cholesterolgehalte of gewoon het cholesterolgehalte zoals dat bij ons gemeten wordt. Dit geeft tevens aan dat het totale cholesterol in feite weinig betekenis heeft. Dit getal is samengesteld uit een drietal cholesterolwaarden van verschillende kwaliteit. `Een verhoogd cholesterolgehalte' zegt eigenlijk weinig, het is veel beter aan te geven welk specifiek cholesterolgehalte (LDL-, HDL- of VLDL-gehalte) verhoogd is.

Goed en slecht cholesterol
Vaak wordt gesproken over twee soorten cholesterol: 'het goede' en 'het slechte'. Eigenlijk gaat het dan over de transportpakketjes waarin de cholesterol door het bloed wordt vervoerd. De goede soort verwijdert het teveel aan cholesterol uit het bloed en de vaatwanden en wordt HDL genoemd. Cholesterol in deze goede pakketjes wordt het HDL-cholesterol genoemd. De slechte pakketjes noemt men LDL. De cholesterol uit deze pakketjes noemt men LDL-cholesterol. Het is dit ‘slechte’ LDL-cholesterol dat zich kan ophopen aan de binnenzijde van de wanden van bloedvaten. Uiteindelijk kunnen hierdoor hart- en vaatziekten ontstaan. Wanneer men spreekt over een verhoogd cholesterolgehalte wordt meestal het LDL-cholesterol bedoeld. Naast LDL- en HDL-cholesterol is ook het triglyceridengehalte van het bloed van belang. Triglyceriden is een ander woord voor vet. Wanneer het gehalte aan triglyceriden in het bloed te hoog is, is de kans op hart- en vaatproblemen eveneens verhoogd.

Symptomen en gevaren
Als we het hebben over de risico's van een hoog cholesterolgehalte moeten we een onderscheid maken tussen 'goed' en 'slecht' cholesterol.
Bij een te hoog LDL-cholesterolgehalte ontstaat in de binnenkant van bloedvaten (endotheel) een ophoping van LDL-deeltjes ('slecht cholesterol'). Deze vetachtige massa kan verkalken waardoor het endotheel naar binnen wordt gedrukt en een bloedvatvernauwing ontstaat. We noemen dit proces aderverkalking. HDL-deeltjes ('goed cholesterol') kunnen aderverkalking langzaam terugdringen omdat zij de eigenschap hebben cholesterol op te nemen, waardoor de ontstane ophoping weer slinkt.
Aderverkalking is vooral schadelijk in de nauwe bloedvaten rond het hart (kransslagaders) en in de hersenen. Een bloedvat kan zelfs plotseling helemaal afgesloten worden waardoor zuurstoftekort ontstaat. Als dat gebeurt in een kransslagader, is er sprake van een hartinfarct; gebeurt dat in de hersenen dan is er sprake van een cerebrovasculair accident (CVA) of beroerte. Hart- en vaatziekten zijn in Nederland de oorzaak van bijna 40% van alle sterfgevallen en is dan ook doodsoorzaak nummer 1.

De kans op een hart- en vaatziekten is velen malen groter als uw cholesterol te hoog is.

Wanneer is uw cholesterol te hoog?
Voor de hoeveelheid cholesterol en triglyceriden in het bloed zijn streefwaarden vastgesteld. Dit zijn grenswaarden waaronder het cholesterol geen risicofactor is voor hart- en vaatziekten. Het is moeilijk te zeggen wat precies een normaal cholesterolgehalte is. Dit is onder andere afhankelijk van leeftijd, geslacht en uw medische voorgeschiedenis

Het cholesterolgehalte wordt gemeten met een bloedonderzoek. Van nature kan het cholesterolgehalte sterk schommelen. Een hoge waarde kan een eenmalige uitschieter zijn. Daarom is het wenselijk om twee a drie bloedonderzoeken te doen met minimaal een week ertussen. Het cholesterolgehalte in het bloed wordt uitgedrukt in millimol per liter (mmol/l).

Bij een cholesterolonderzoek wordt de totale cholesterolwaarde in het bloed gemeten. Bij een waarde hoger dan 5 is er sprake van een verhoogd cholesterolgehalte. Bij het tweede en eventuele derde onderzoek wordt ook het HDL en triglyceridengehalte bepaald. Voor dit onderzoek moet u nuchter zijn.
In de toekomst zullen artsen vaker het HDL-cholesterol meten om daarmee de verhouding totaal cholesterol/HDL te berekenen. Dat is een betere voorspeller voor het krijgen van een hart- of vaatziekte dan alleen het totaal cholesterol. Het cholesterolgehalte zal ook meer en meer worden beoordeeld in samenhang met het niveau van andere risicofactoren, zoals roken, suikerziekte, hoge bloeddruk en het in de familie voorkomen van hart- en vaatziekten.

De cholesterol waarden in het bloed

Bloedcholesterolgehalte in mmol/l
 
Lager dan 5,0 Normaal
5,0 - 6,4 Licht verhoogd
6,5 - 7,9 Verhoogd
Hoger dan 8,0 Sterk verhoogd
   
HDL-gehalte
Lager dan 0,9 Te laag
 
Triglyceriden
Hoger dan 2,2 Te hoog

Ook bestaat er de ‘5-4-3-2-1 regel’ dit is een handig ezelsbruggetje om de streefwaarden van uw cholesterol en triglyceriden in de gaten te houden.

Om een goede inschatting op het risico van hart- en vaatziekten te kunnen maken, moeten diverse risicofactoren in kaart worden gebracht. Wat betreft de risicofactor cholesterol is alleen een bepaling van het totaal-cholesterolgehalte niet nauwkeurig genoeg. Het cholesterolgehalte en triglyceridengehalte worden uitgedrukt in mmol/l (millimol per liter).

Streefwaarden voor cholesterol en triglyceriden
met de 5-4-3-2-1 regel

Waarden mmol/l
Totaal cholesterol (TC) minder dan 5
Ratio (TC/HDL) minder dan 4
LDL-cholesterol minder dan 3
Triglyceriden (TRG) minder dan 2
HDL-cholesterol meer dan 1

Alle waarden zijn belangrijk!
Als het cholesterol wordt gemeten, moeten alle waarden worden bepaald. Alleen het totaal-cholesterol is onvoldoende. De verhouding tussen de verschillende waarden zijn van belang. Als iemand bijvoorbeeld een hoog HDL-cholesterol heeft, is een verhoogd totaal-cholesterol minder bezwaarlijk. Als u het totaal-cholesterol deelt door het HDL-cholesterol, krijgt u een getal, de ratio. Dit is een belangrijke maat voor de kans op hart- en vaatziekten binnen een bepaalde periode. Deze waarde moet lager zijn dan 4. Zijn de waarden van uw totaal-cholesterol, HDL-cholesterol en triglyceriden bekend? U kunt dan zelf uw LDL-cholesterol berekenen met de zogenaamde Friedewaldformule: (LDL-chol.) = (totaal-chol.) - (HDL-chol.) - (0.45 x triglyceriden).

Oorzaken
Erfelijkheid
Een verhoogd cholesterolgehalte kan allereerst het gevolg zijn van een erfelijke stoornis in de vetstofwisseling. Er is dan sprake van een primair verhoogd cholesterolgehalte. Eén van de erfelijke aandoeningen is Familiaire Hypercholesterolemie (FH). Mensen die hieraan lijden hebben een te hoog LDL cholesterol, in Nederland zijn ongeveer 40.000 mensen met deze aandoening. Een ander erfelijke aandoening is Familiaire Gecombineerde Hyperlipidemie (FCHL). Bij deze aandoening zijn er hoge cholesterol en triglyceriden spiegels.

Dit zijn de meest bekende erfelijke stofwisselingsziekten. Een dieet helpt dan onvoldoende. Daarom zijn meestal medicijnen nodig om het cholesterolgehalte te verlagen. Als bij uw directe familieleden, ouders, broers of zussen, ooms of tantes, al voor het zestigste jaar hypercholesterolemie of hart- en vaatziekten voorkomen, is het verstandig dit aan uw arts te melden.

Andere oorzaken van een te hoog cholesterolgehalte kunnen een traag werkende schildklier, lever- en/of nierstoornissen, suikerziekte en het gebruik van bepaalde medicijnen zijn.

Aan erfelijkheid is niets te doen, aan uw manier van leven wel, dit zijn beïnvloedbare risicofactoren.

Het eten van veel verzadigd vet
Als er veel vet, vooral verzadigd vet in de voeding voorkomt, maakt het lichaam meer cholesterol aan. Hierdoor stijgt het cholesterolgehalte in het bloed.

Het eten van veel cholesterolrijke voedingsmiddelen
Door de consumptie hiervan kan het cholesterolgehalte in het bloed worden verhoogd. De ongunstige invloed van voedingscholesterol is echter minder sterk dan die van verzadigd vet. Voedingscholesterol komt vooral voor in: eidooier, melkvet, in volle zuivel-producten (volvette kaas en roomboter), orgaanvlees (lever en niertjes en de vleeswaren die daarvan zijn gemaakt). Garnalen, paling en schelvislever bevatten ook veel cholesterol.

Ga hier naar gerelateerde productcategorieën voor cholesterol.
Terug
Copyright © 2014 Pro2Move