Suikerziekte


DIABETES MELLITUS (SUIKERZIEKTE)

Nederland kent 600.000 diabetespatiënten, een stijging van 26 procent in drie jaar tijd. Nog eens 250.000 mensen hebben suikerziekte zonder het te weten. Als de stijging in dit tempo aanhoudt, zijn er over drie jaar meer dan één miljoen diabetespatiënten in ons land. Suikerziekte kan onder meer ontstaan door overgewicht. De ziekte kan leiden tot hartproblemen, blindheid en dementie.

Wat is diabetes?

Welke soorten diabetes zijn er?

Hoe herkent u diabetes?

Hoe voorkom je diabetes?

Doel van de behandeling

Hypoglykemie

Hyperglykemie

Diabetes en sport&bewegen

Wat zijn de risico’s van lichaamsbeweging bij insulinegebruik?

Hoe kunt u de risico’s bij insulinegebruik zo laag mogelijk houden?

Welke activiteiten zijn het meest geschikt voor u?

Zelfcontrole

Mensen met Diabetes Mellitus

Mensen zonder Diabetes Mellitus

Gerelateerde producten


 


Wat is diabetes?

Diabetes, voluit diabetes mellitus, is een stofwisselingsziekte. Het lichaam is niet meer in staat om zelfstandig suikers, oftewel glucose, uit voeding te verwerken. Dat komt omdat er te weinig of geen insuline wordt aangemaakt. Of de insuline kan zijn werk niet meer goed doen. Het hormoon insuline is nodig voor het transport van glucose uit het bloed naar de lichaamsweefsels. Naast die problemen met de glucosehuishouding is vaak ook de vetstofwisseling uit balans.
Geen mens kan zonder glucose, want glucose geeft het lichaam energie waardoor alle spieren en organen werken. Glucose komt uit koolhydraten in je voeding. Koolhydraten zitten niet alleen in zoete dingen, zoals suiker en fruit, maar ook in sommige groenten, melk, brood en aardappelen. Normaal zorgt het lichaam er automatisch voor dat er precies genoeg insuline vrijkomt om de hoeveelheid glucose in het bloed te verwerken. Zo blijft je bloedsuikerspiegel (bloedglucose) altijd binnen bepaalde grenzen, niet te laag en niet te hoog. Bij diabetes is dat evenwicht weg.
Insuline wordt gemaakt in de alvleesklier. Als er geen of onvoldoende insuline wordt gemaakt, of als je ongevoelig bent geworden voor insuline, dan heeft het lichaam moeite om glucose uit het bloed te krijgen. Dat kan dan alleen via de urine: je krijgt onlesbare dorst en moet veel plassen. Doordat je geen glucose, dus geen energie kunt opnemen, voel je je moe en futloos.
Een te hoge bloedglucosespiegel is op den duur erg schadelijk voor alle delen van je lichaam. Daarom is het belangrijk om diabetes zo snel mogelijk te behandelen, en de bloedglucosespiegel binnen de normale grenzen te houden.
Denk eraan! Verhoogde bloedglucosewaarde geeft vaak geen klachten

Welke soorten diabetes zijn er?
Er zijn twee hoofdtypen: type 1 diabetes en type 2 diabetes.

Diabetes Mellitus type 1
Deze vorm wordt ook wel insuline-afhankelijke diabetes genoemd. Het wordt veroorzaakt doordat de eilandjes van Langerhans in de alvleesklier absoluut geen insuline meer kunnen maken. Hierdoor kan de glucose niet in de cellen komen. De hoeveelheid glucose in het bloed (= bloedglucose) wordt dan te hoog.
Type 1 komt voor op alle leeftijden, maar ontstaat vaak voor het dertigste levensjaar.
Vroeger heette deze vorm van diabetes ook wel jeugddiabetes, omdat de aandoening zich meestal op jeugdige leeftijd openbaart.
De diagnose wordt meestal gesteld naar aanleiding van de klachten als dorst en veel plassen. Het bloedsuikergehalte is veel te hoog en soms zijn er ketonen in de urine. Dit type diabetes komt voor bij ongeveer zes op de duizend mensen, dat is 0,6% van de Nederlandse bevolking.

Diabetes Mellitus type 2
Dit wordt ook wel niet-van-insuline-afhankelijke diabetes genoemd. Hierbij maakt het lichaam wel insuline, maar de glucose kan toch niet in de cel worden opgenomen. Ook al maken de eilandjes van Langerhans voldoende insuline, de lichaamscellen zijn minder gevoelig voor insuline. Daardoor kan de glucose de cel niet in. Men spreekt dan van insuline-resistentie. Dit betekent 'weerstand tegen insuline'.
Deze vorm van diabetes komt vooral voor bij mensen die veel te zwaar zijn. Daarnaast maakt de lever extra glucose aan, ook al is de bloedsuikerspiegel reeds verhoogd. Deze spiegel zal daardoor nog verder stijgen. Deze vorm van diabetes openbaart zich meestal pas op oudere leeftijd, gewoonlijk boven de 40 jaar.
De meeste diabetici ( ongeveer 85-90% ) lijden aan type 2, ook wel ouderdomssuiker genoemd. Pakweg vijftien jaar geleden was de gemiddelde leeftijd van ouderdomsdiabetici zeventig jaar. Dat is inmiddels gedaald naar 55 jaar.
De verschijnselen van type 2 diabetes zijn dezelfde als die van type 1. De klachten treden echter alleen veel geleidelijker op, omdat de werkzame hoeveelheid insuline in het lichaam veel langzamer afneemt dan bij type 1 diabetes. Vaak wordt de diabetes bij toeval ontdekt, bijvoorbeeld bij bloed- of urineonderzoek voor een keuring.
Tegenwoordig worden ook veel type 2 diabeten behandeld met insuline. Aan de hand van allerlei soorten insuline kan voor elke diabeet een gepaste behandeling worden gekozen.
Type 2 diabetes komt voor bij vijftien tot twintig op de duizend mensen, dat is 1,5 tot 2% van de Nederlandse bevolking.

Een derde vorm is zwangerschapsdiabetes.
Dit is diabetes die ontstaat na de 24e week van de zwangerschap. Tijdens de zwangerschap heeft uw lichaam extra insuline nodig en bij sommige vrouwen kan het lichaam dat niet voldoende aanmaken. De bloedglucose stijgt en er ontstaan klachten: u heeft diabetes. De behandeling bestaat uit insuline, soms is een gezonde voeding en beweging genoeg. Meestal is de bloedglucose 24 uur na de bevalling weer normaal en is de zwangerschapsdiabetes verdwenen. U heeft helaas wel 50 procent kans dat u later toch blijvend type 2 diabetes zult ontwikkelen.

Hoe herkent u diabetes?
Vele diabetici weten niet dat ze diabetes hebben. Dit houdt grote risico’s in omdat het niet behandelen van diabetes kan leiden tot ernstige complicaties.. Een tijdige opsporing is dus zeer belangrijk.
Maar hoe weet je of je diabetes hebt?

De meest voorkomende vorm van diabetes (type 2 diabetes) is niet gemakkelijk te herkennen. De symptomen van type 2 diabetes zijn vaak vaag of afwezig. Iemand kan wel zeven tot tien jaar diabetes hebben zonder het te weten. Het proces van ziek worden verloopt heel geleidelijk.

Symptomen type 2 diabetes
Type 2 diabetes is vaak te herkennen aan één of meer van de volgende klachten:

  • vaak dorst en veel plassen
  • vermoeidheid
  • oogklachten, zoals rode en branderige ogen, wazig zien, dubbel zien of slecht zien
  • slecht genezende wondjes
  • kortademigheid of pijn in de benen bij het lopen
  • afvallen
  • Vaak terugkerende infecties

De symptomen van type 1 diabetes zijn meestal duidelijker te herkennen, zowel bij kinderen als volwassenen.

  • Vaak dorst en veel plassen
  • Afvallen zonder dat daar een reden voor is
  • Ziek en beroerd voelen
  • Constant hongergevoel
  • Wazig zien

Heeft u last van meerdere van deze klachten? Laat u dan testen bij uw huisarts. Die kan met één druppeltje bloed vaststellen of u diabetes heeft. Als de bloedglucosewaarde boven een bepaalde grens ligt, is er sprake van diabetes. Een tijdige behandeling kan u nare lichamelijke gevolgen besparen.
Doordat de klachten vaak zo vaag zijn, lopen veel mensen ongemerkt jarenlang rond met diabetes.

Hoe voorkom je diabetes?

Type 1 diabetes voorkomen
We weten nog niet hoe je type 1 diabetes kunt voorkomen. Er wordt volop onderzoek gedaan om dat uit te zoeken. Misschien is voeding in het eerste halfjaar van een baby wel een belangrijke manier om de kans te verkleinen. Men denkt dat borstvoeding in combinatie met het vermijden van koemelkeiwit effect heeft. Maar er moet meer zijn. Onlangs is bewezen dat vaccinaties tegen de gebruikelijke ziekten geen oorzaak van diabetes zijn. Wel vermoedt men dat gewone virusinfecties een prikkel kunnen zijn om het afweersysteem in de war te schoppen.
Erfelijkheid speelt bij type 1 diabetes maar een kleine rol. Het komt erop neer dat van de honderd kinderen die een ouder hebben met type 1 diabetes, er drie het ook krijgen. Als dat gebeurt, is het niet alleen door die erfelijke factoren. Ook allerlei andere dingen spelen een rol. Kinderen met een ouder met diabetes erven niet automatisch die aanleg. En andersom kunnen kinderen die de aanleg níet hebben geërfd, toch type 1 diabetes krijgen.

Het aantal kinderen met type 1 diabetes is de afgelopen jaren aanzienlijk toegenomen. Dat kan onmogelijk alleen de schuld van genetische aanleg zijn. Van honderd kinderen die de erfelijke aanleg wel van hun ouders hebben doorgekregen, krijgen er zeven type 1 diabetes.
Er wordt veel onderzoek gedaan naar het ontstaan van diabetes. Als je dat eenmaal weet, is de volgende stap iets bedenken waarmee je diabetes kunt voorkomen en misschien zelfs genezen.

Type 2 diabetes voorkomen
Inmiddels is bekend dat gezond leven voor een flink deel type 2 diabetes kan voorkomen. Dat geldt met name voor relatief jonge mensen, die nu steeds vaker type 2 diabetes krijgen. Vaak heeft het alles te maken met een ongezonde levensstijl en overgewicht. Hoewel er ook slanke mensen zijn die gezond leven en toch al jong type 2 diabetes krijgen. Er moet dus nog meer meespelen.
Vaak is er bij type 2 diabetes sprake van erfelijkheid. Je erft niet de ziekte zelf, maar de kans om het te krijgen. Het op tijd veranderen van ongezonde leefgewoonten kan in veel gevallen voorkomen dat iemand type 2 diabetes krijgt. Zelfs als je al een gestoorde glucosehuishouding hebt. Of het stelt de ziekte uit. En ieder jaar zonder diabetes is winst

Hoe kun je zo gezond mogelijk leven, waardoor de kans op type 2 diabetes kleiner wordt? Deskundigen raden aan:

Beweeg regelmatig, liefst dagelijks minimaal een halfuur matig intensieve activiteit, zoals wandelen of fietsen;

  • Houd je gewicht onder controle, als je overgewicht hebt dan scheelt ook een paar kilo minder al aanzienlijk.
  • Eet met mate en snoep zo min mogelijk
  • Kies voor volkorenproducten
  • Kies voor magere melkproducten
  • Kies voor mager vlees en eet meer vis

Doel van de behandeling
Het doel van de behandeling van diabetes mellitus is het normaliseren van de stofwisseling en het handhaven van een normale bloedsuikerspiegel tussen de 4-8mmol/L.
Bij iemand met diabetes kan de bloedsuikerspiegel oplopen tot 30-40mmol/L. Door de bloedglucosespiegel te normaliseren verdwijnen de klachten en wordt ook de kans op complicaties op lange termijn verkleind.

Behandeling van type 1 diabetes mellitus
Het doel van de behandeling van diabetes mellitus is het normaliseren van de stofwisseling en het handhaven van een normale bloedsuikerspiegel tussen de 4-8mmol/L.
Bij iemand met diabetes kan de bloedsuikerspiegel oplopen tot 30-40mmol/L. Door de bloedglucosespiegel te normaliseren verdwijnen de klachten en wordt ook de kans op complicaties op lange termijn verkleind.

  • insuline toediening via onderhuidse injecties of via een insulinepomp
  • gezonde voeding
  • lichaamsbeweging

Bij type 1 diabetes mellitus is de toediening van insuline altijd noodzakelijk. De hoeveelheid toe te dienen insuline moet in balans zijn met de inname van voeding en de dagelijkse activiteiten. Hierbij moeten de bloedglucosewaarden regelmatig gecontroleerd worden.
Insuline geneest diabetes mellitus niet. De productiemogelijkheid van het lichaamseigen insuline in de alvleesklier is immers niet of nauwelijks meer aanwezig en zal dus voor het verdere leven vervangen moeten worden. Het beschikbaar komen van insuline heeft de levensverwachting van mensen met diabetes mellitus nagenoeg genormaliseerd. Bovendien is het welbevinden van mensen met diabetes mellitus sterk verbeterd en kunnen complicaties van diabetes mellitus worden voorkomen of worden vertraagd.
Voor een optimale behandeling van diabetes mellitus zijn een aantal zaken van belang:

  • Teambehandeling. Samenwerking tussen huisarts, internist, dietiste en diabetesverpleegkundige
  • Een goede zelfcontrole
  • Een goede bereikbaarheid ( wachttijden) voor o.a. oogarts - neuroloog - cardioloog en podotherapeut
  • Educatieve programma’s op het gebied van voeding - leefstijl (gewicht/roken), omgaan met insulinetoediening en complicaties

Behandeling van type 2 diabetes mellitus
De behandeling van type 2 diabetes mellitus omvat meer dan het bereiken van een normale bloedglucosewaarde. Type 2 diabetes mellitus is eigenlijk een onderdeel van een complex aan riscofactoren voor het ontstaan van hart- en vaatziekten. De volgende aandoeningen zijn onderdeel van dit ‘syndroom’ :

  • overgewicht
  • glucose-intolerantie
  • insulineresistentie
  • hyperinsulinemie
  • stoornissen in de vetstofwisseling
  • hoge bloeddruk
  • hart- en vaatproblemen zoals angina pectoris (hartkramp), decompensatio cordis (hartfalen) en een hartinfarct
  • claudicatio intermittens

Behandeling:

  • gezonde voeding
  • meer lichaamsbeweging
  • levensstijl ( roken!)
  • gewichtsvermindering; uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat 5 tot 7% gewichtsverlies (met behulp van een dieet en beweging) de kans op diabetes met 58% verkleint.
  • orale medicatie en bij onvoldoende effect op de bloedglucosewaarden moet men ook besluiten over te gaan op aanvullende of vervangende insuline toediening
  • hoge bloeddruk


De behandeling van hoge bloeddruk bij type 2 diabetes mellitus is de laatste jaren steeds belangrijker geworden. Uit de gegevens van de UKPDS studie in Engeland is duidelijk gebleken dat de behandeling met ACE-remmers bij hoge bloeddruk bij mensen met type 2 diabetes mellitus een gunstig effect heeft op hart- en vaatcomplicaties in diverse organen (o.a. de nieren).

Hypoglykemie
Hypoglykemie, dikwijls ook "hypo" genoemd, treedt op wanneer het glucosegehalte in het bloed plots daalt.

Hypoglykemie is een daling van de bloedglucose, die meestal overeenkomt met een bloedglucose waarde onder de 60 mg/dl of 3.42 mmol/l

  • Een hypo moet altijd snel behandeld worden; wanneer de symptomen verdwijnen, is het enorm belangrijk dat men de mogelijke oorzaken van deze bloedglucosedaling uitzoekt. - Hypoglykemie is een van de grootste angsten bij diabetespatiënten. Hoe scherper patiënten ingesteld zijn, hoe groter de kans op hypo's wordt.
  • Iedere diabetespatiënt heeft zijn of haar eigen "alarmsignalen", die hij of zij zou moeten leren kennen, evenals de familieleden en vrienden. Deze symptomen blijven meestal gedurende een lange periode hetzelfde, maar er kunnen na verloop van tijd wijzigingen optreden. Bespreek uw symptomen met uw arts of diabetesverpleegkundige.
  • Alarmsignalen kunnen zijn: beven, Overmatig zweten (koud zweet), extreem hongergevoel, ongewoon gedrag, Bleekheid Plotse vermoeidheid Troebel zicht Hartkloppingen Tintelingen in de lippen en prikkelbaarheid.

Hyperglykemie
Hyperglykemie is een teveel aan glucose in het bloed, veroorzaakt door het feit dat er te weinig insuline aanwezig is.
Het niveau van deze hoge bloedglucosewaarde wordt bepaald door uw arts of verpleegkundige.
Dit teveel aan glucose wordt soms ook vergezeld door glucose in de urine.

Een hyperglykemie komt soms onopgemerkt opzetten, evenwel zonder effecten, op korte termijn. Indien ze echter een bepaalde grens overschrijdt, kunnen zich problemen voordoen.
Alarmsignalen kunnen zijn: slaperigheid, hevige dorst, veel plassen, zwakte, gewichtsverlies (op langere termijn), buikpijn, verlies van eetlust, aanwezigheid van suiker of ketonen in de urine.

Diabetes en sport & bewegen
Een aangepaste levensstijl is erg belangrijk naast een goede behandeling. Wie diabetes heeft, loopt het risico op het ontstaan van late complicaties. Deze kunnen zoveel mogelijk voorkomen of uitgesteld worden door een goede instelling met insuline en/of tabletten. Daarnaast kunt u zelf zorgen voor goede eet- en drinkgewoontes en minstens even belangrijk voldoende lichaamsbeweging.
Want van lichaamsbeweging krijgt u niet alleen een betere conditie, het stimuleert ook de gevoeligheid van het lichaam voor insuline. Verder kan beweging u helpen af te vallen of het gebruik van medicatie uit te stellen. Of u nu al langer aan lichaamsbeweging doet of ermee wilt beginnen, u moet wel weten wat de invloed van beweging op het glucosegehalte in het bloed is, zodat u nooit voor onprettige verrassingen komt te staan.

Voor iemand met diabetes is regelmatige lichaamsbeweging nog belangrijker dan anders. Niet alleen verbetert lichaamsbeweging de totale lichamelijke en geestelijke conditie, het zorgt er ook voor dat het lichaam gevoeliger wordt voor insuline, zodat de aanwezige insuline beter werkt. Zowel tijdens de inspanning, als de uren erna. Daardoor wordt de behoefte aan insuline en/of bloedglucoseverlagende tabletten minder. Lichaamsbeweging is goed voor iedereen, maar is vooral belangrijk als u wat kilo’s te zwaar bent. Bij overgewicht is namelijk meer insuline nodig om normale glucosewaarden te houden. Juist als u diabetes type 2 heeft kan de alvleesklier hier niet meer aan voldoen. Uw glucosewaarden lopen dan op. Als u afvalt, is deze extra insulineafgifte niet nodig omdat de gevoeligheid voor insuline verbetert en de insulineresistentie dus vermindert. Kortom, er is altijd wel een reden om meer aan lichaamsbeweging te doen. In het bijzonder omdat ernstige gevaren als hoge
bloeddruk en een te hoog cholesterol gunstig beïnvloed kunnen worden, waardoor de late complicaties zoveel mogelijk uitgesteld of voorkomen kunnen worden.

Wat zijn de risico’s van lichaamsbeweging bij insulinegebruik?
Wie (intensief) aan lichaamsbeweging doet, moet zelf een afstemming vinden tussen
enerzijds het brandstofverbruik en anderzijds de benodigde hoeveelheid insuline of voeding.
Doet u dit niet, dan loopt u een groot risico op hypo’s of hypers. Tijdens uw (intensieve) lichaamsbeweging is er geen automatisch meedalende en stijgende insulineconcentratie. U dient uzelf immers insuline toe. U zult dus ter vermindering van risico’s zelf een afstemming moeten vinden tussen wat u vooraf eet, de mate van uw inspanning en de hoeveelheid insuline. Vergeet daarbij ook niet andere bloedglucoseverhogende factoren als stress (bij een wedstrijdsport). Stress verhoogt namelijk het bloedglucosegehalte.

Hoe kunt u de risico’s bij insulinegebruik zo laag mogelijk houden?
Om prettig te blijven bewegen is het uitermate belangrijk dat u door zelfcontrole en ervaring
leert hoeveel insuline u wanneer toe moet dienen of hoeveel u vooraf moet eten om geen risico’s
te lopen. Het is allemaal afhankelijk van het type activiteit, de duur, de intensiteit ervan en de
soort insuline die u gebruikt. De enige manier om het te leren is door vaak (ook lang na uw
lichaamsbeweging) het bloedglucosegehalte te controleren en te corrigeren met extra koolhydraten of zonodig met insuline. Zo is van lichaamsbeweging in de avonduren bekend dat er ‘s nachts een hypo kan ontstaan. Uw behandelaar kan u alles vertellen over hoe u het beste uzelf kunt controleren en corrigeren.

 

Welke activiteiten zijn het meest geschikt voor u?

Bewegen is belangrijk! Probeer dit in te passen in uw dagelijks leven. Neem bijvoorbeeld wat vaker de trap, laat de auto staan en pak de fiets. Wanneer u een sport wilt beoefenen, kies er dan één waarvan u zelf de intensiteit kunt bepalen.Zeer geschikt bijvoorbeeld zijn duursporten als joggen, wielrennen, skaten, zwemmen, schaatsen en langlaufen. Maar natuurlijk kunt u ook kiezen
voor een teamsport als voetbal, hockey, basketbal, handbal, volleybal en korfbal. Andere geschikte sporten zijn golf, tennis, badminton, squash, skiën, zeilen, snowboarden, fitness, aerobics, conditietraining enz. Maar overleg voor alle zekerheid wel eerst met uw behandelaar. Deze kan u ook vertellen hoe u uw voeding, insuline en/of tabletten moet aanpassen.

Minder geschikt voor mensen met diabetes zijn sporten waarbij, mocht u een hypo krijgen, levensgevaarlijke situaties voor uzelf en voor anderen ontstaan. Denk daarbij aan sporten als
parachutespringen, zweefvliegen, diepzeeduiken, bergbeklimmen en alleen op zee surfen.

Samenvattend:
Regelmatige sportbeoefening is leuk en prettig, en zal u niet enkel een goed gevoel bezorgen, maar u ook helpen:

  • Fit en gezond te blijven.
  • Uw bloedglucosespiegel te verlagen.
  • Uw insuline of tabletten beter te doen werken.
  • Uw gewicht te beheersen.

Maar, om veilig te sporten:

  • Moet uw diabetes goed onder controle zijn.
  • Moet u enige basiskennis hebben over de invloed op uw bloedglucose regeling en de risico's inherent aan de sport die u wilt beoefenen.
  • Moet u weten hoe uw behandeling bij te sturen.
    Alvorens u met enige activiteit start, moet uw arts een volledige medische check-up uitvoeren en het volgende controleren:
  • Uw hart: bloeddruk, elektrocardiogram, inspanningstest (aanbevolen boven 35 jaar en/of na 15 jaar met diabetes).
  • Uw voeten: om elke mogelijke neuropathie op te sporen, aangezien sport veel van uw voeten vergt!
  • Uw ogen: om elke mogelijke retinopathie op te sporen die door inspanning kan verslechteren.

Zolang u goede voorzorgen neemt, is er geen reden om uw geliefde sport niet te beoefenen. Sporten betekent echter niet noodzakelijk een marathon lopen. Lichte activiteiten zoals wandelen, stofzuigen en de trappen opgaan kunnen even nuttig zijn.

Zelfcontrole
Meten is weten!
Zelfcontrole is het zelf bepalen van uw bloedglucosewaarden met behulp van een bloedglucosemeter.

Mensen met diabetes mellitus
Onze bloedglucose wordt beïnvloed door voeding, lichaamsbeweging en medicijnen. Door deze zaken goed op elkaar af te stemmen, bent u in staat uw bloedglucosespiegel op peil te houden.
Zelfcontrole helpt bij het bereiken van dit evenwicht. Door zelf uw bloedglucosewaarden te meten, bent u minder afhankelijk van anderen:
Door zelfcontrole kunt u nagaan of de voorgeschreven hoeveelheid insuline aanslaat.
U kunt wanneer uw bloedglucose ontregeld is in overleg met uw behandelaar of diabetes-verpleegkundige, tijdig uw bloedglucosewaarden bijstellen of de voeding aan passen. Hier
door levert u een belangrijke bijdrage aan uw behandeling. •
Door zelfcontrole krijgt u meer inzicht in uw bloedglucosewaarden en het insulineschema. U wordt hierdoor zelf “deskundige” waardoor het na enige tijd mogelijk is, uiteraard in overleg met uw behandelaar, op een verantwoorde manier van het voorgeschreven schema af te wijken.

Mensen zonder diabetes mellitus
Uit onderzoek is gebleken dat er in Nederland nog veel patiënten rondlopen met diabetes zonder het te weten. Geschat wordt dat het op dit moment zo’n 300.000 tot 400.000 mensen zijn. Gemiddeld lopen mensen 7,5 jaar rond met diabetes alvorens de diagnose wordt gesteld. Dit komt omdat diabetes mellitus meestal geen of weinig klachten geeft. Dit betekent niet dat mensen die rondlopen met diabetes en dit nog niet weten geen risico’s lopen op complicaties. Daarom wordt geadviseerd om bepaalde mensen met een verhoogd risico te screenen op diabetes mellitus. Daarnaast zijn er ook mensen die bepaalde klachten hebben die kunnen passen bij suikerziekte en waarbij natuurlijk ook het bloedglucose wordt bepaald. Klachten die kunnen passen bij diabetes zijn: dorst, veel plassen, ongewild afvallen, ontsteking van het geslachtsorgaan en dove plekken op de voeten.

Welke mensen hebben een verhoogd risico op diabetes mellitus:

  • Personen ouder dan 45 jaar:
     
  • met diabetes mellitus type 2 bij ouders, broers of zussen
     
  • met hypertensie (hoge bloeddruk)
     
  • met manifeste hart- en vaatziekten (hartinfarcten, beroertes, TIA, angina pectoris, etalagebenen)
     
  • met die behandeld worden voor een te hoog cholesterolgehalte
     
  • die overgewicht hebben (een BMI > 27)
     
  • mensen van Turkse, Surinaamse of Marokkaanse afkomst.

Uitzonderingen gelden voor:

  • Personen van Hindostaanse afkomst wordt geadviseerd om vanaf het 35ste levensjaar een keer per drie jaar het glucose te laten bepalen.
     
  • Vrouwen die zwangerschapsdiabetes hebben doorlopen wordt geadviseerd, ongeacht de leeftijd, elke drie jaar de bloedglucose te laten controleren.


Voor meer informatie:

http://www.diabetesvereniging.nl

http://www.diabetesplein.nl

Gerelateerde producten voor diabetes:
Verkrijgbaar op onze site: Diabetes Producten
Stappentellers  
Fitnessapparatuur

 

Terug
Copyright © 2017 Pro2Move